Selecteer een pagina

English: scroll down

Als ik wakker word, hoor ik een specht tikken tegen de boom en ik draai me nog even om. De vogels zijn allang wakker maar wij hoeven pas om 10 uur te vertrekken dus er is nog ruim de tijd om te ontbijten en mijn blog van gisteren door te nemen met Anne Heleen. Dan is het tijd voor nieuwe avonturen in natuurgebied de Drentse Aa.

We stappen in de auto van Anne Heleen en zij manoeuvreert behendig over de zandweg naar Vijftig Bunder. Een bunder is een oude oppervlaktemaat, die ongeveer vergelijkbaar is met één hectare. We lopen het natuurgebied een stukje in en Anne Heleen valt het op dat de heide al in bloei komt. En ja inderdaad, de eerste plantjes krijgen al bloemetjes zie ik. Er is geen verkeer te horen en vrijwel geen wind, waardoor het krekeltjesorkest vrij baan krijgt. Een paar mussen tjilpen in de bebossing aan de rand en een heideblauwtje (klein vlindertje) vliegt voorbij. Een stuk verderop aan het pad staat een prachtige breed gegroeide eik ogenschijnlijk eenzaam tussen de heideplanten. Maar zoals Heleen al vertelde, de eik vindt het niet eenzaam, want we zijn hier ‘met zijn allen’. Wij, allen die onderdeel zijn van de natuur en schepping.

Als we teruglopen naar de auto, komen we een wandelaar tegen die vraagt: ‘Is het een beetje te doen met de koeien?’ En we antwoorden dat de koeien verderop staan en dat het hier goed gaat. We rijden in de auto verder over zandwegen en op een gegeven moment wordt het weggetje heel smal, maar Anne Heleen heeft voor hetere vuren gestaan. We komen al snel via mooie plekken in het landschap van de Drentse Aa aan bij, jawel: restaurant Drentse Aa.

Pootje baden en thuiskomen

Voor we op het terras gaan zitten hebben we nog een half uurtje de tijd. Anne Heleen weet nog een geheim plekje en we lopen ernaartoe. Het is een plek waar je goed het water in kunt. Tenminste, dat kon vroeger, want nu is er zoveel van de kant weggeslagen dat het een meter hoog is. Gelukkig vinden we een lager plekje en we gaan het water in om te pootje baden. Ik was vergeten hoe het was om met mijn blote voeten in het water te staan, het zand tussen mijn tenen te voelen en langzaam dieper in het zand te zakken terwijl het water mijn benen omsluit. Ik voel me gedragen door het zand en door deze herbeleving van de herinneringen uit mijn kindertijd ook een beetje als thuiskomen.

Eerst voelt het koud, maar na even in het water te zijn, voelt het lekker warm aan en ik voel door de afstemming tussen mijn benen en het water, dat ik met het water verbonden ben. Hoewel het water bijna niet stroomt, leer ik hier nog een les: harmonie ontstaat niet door de omgeving naar jouw hand te zetten, maar door je eigen frequentie en temperatuur af te stemmen op het grotere geheel. Ik heb spijt dat ik niet kan zwemmen aangezien het water zo laag staat.

Afstemmen op het grotere geheel: wanneer werkt synchroniciteit?

Dan moeten we uit het water en naar het restaurant want Nicole van der Ouw komt eraan. Aan de lunchtafel op het prachtige terras aan de Drentse Aa, hebben we uitzicht op het water en zien een paar kinderen aan het water spelen. Twee jongens hengelen verderop vanaf een brug. Tot onze verrassing heeft het restaurant een frisdrank met moerasspirea, het plantje dat we overal in het groen langs het water tegenkomen. Dat bestellen we uiteraard. Het gesprek gaat gelijk over onze ervaringen gisteren over wonderbaarlijk toeval en ik vraag me ter plekke dat het misschien alleen gebeurt, als je handelt op een ingeving, maar niet als vasthoudt aan een eigen idee zonder afstemming op wat er om je heen leeft. Nicole zegt heel mooi: Had jij het idee of had het idee jou? Nicole herkent dit uit de opstellingen, die zij samen met Annelieke Verkerk verzorgt. Ook om inzicht te krijgen in de beleving van de stakeholders van de Drentse Aa.

Knaagsporen van de bever in Rolde

Na de lunch nemen Anne Heleen en Nicole mij mee naar Bezoekerscentrum Drentse Aa in Rolde. Daar is een museum ingericht met een reliëfkaart van het gebied met de hunebedden erop. Of leylijnen nu bestaan of niet, het valt direct op dat ze in een rij achter elkaar liggen. Ook is er een vitrine met opgezette dieren die hier veel voorkomen: de otter, de bever en de das. De manager van het bezoekerscentrum, die Nicole en Anne Heleen kennen, vertelt dat een bever een dikke boom van vijftig centimeter heeft doorgeknaagd. Hij heeft er een jaar over gedaan! Dat is voor ons aanleiding om het omringende land in te lopen en te kijken naar de boom. We kunnen er helaas niet helemaal bij komen: met onze blote benen door de brandnetels lopen was iets te gortig. Dus we zijn op een afstand gaan kijken. Het is bizar om je voor te stellen dat een bever zo’n grote boomstam kan doorbijten. Maar deze boom kreeg hij niet weg. Het is namelijk niet altijd zo dat het hout voor hun dam is, het is ook om hun tanden te slijpen.

Dan is het tijd om afscheid te nemen van Nicole. Anne Heleen neemt me vervolgens mee naar een bijzonder natuurgebied bij Oudemolen. Onderweg maken we nog een tussenstop bij het hunebed van Loon (D15), een heel specifiek en indrukwekkend exemplaar. Waar bij de meeste hunebedden de omliggende stenen verdwenen zijn, ligt hier nog een bijna volledige cirkel van kransstenen om het graf heen, inclusief een herkenbare poort als ingang.

We lopen er langzaam een rondje omheen. Anne Heleen vertelt over een oude overlevering over leylijnen en strategische routes. Legers marcheerden vroeger over deze specifieke energiebanen in het landschap zodat de soldaten hun energie konden opladen terwijl ze liepen. Zulke belangrijke leger- en doorgaande routes over de hoge zandruggen werden van oudsher ‘heerwegen’ genoemd, afgeleid van het oude woord heir, wat leger betekent. Als we terugkomen bij de auto, zien we dat het de Heirweg heet waar de auto staat! Een geval van wonderbaarlijk toeval?

Het meanderende antwoord op pionierschap

Het natuurgebied in Oudemolen is normaal heel nat en drassig, zo drassig dat er vlonders op palen zijn geplaatst. Maar nu is het heel droog. We lopen een rondje, langs heidevelden, door een stuk bos en komen dan op een pad langs de Drentse Aa, dat hier Oudemolensche Diep heet. We lopen door het hoge gras naar het water, langs een gigantische spin die rustig in zijn web blijft zitten. Er vliegen steeds ooievaars over, we vragen ons af waar die hun nest hebben. Terwijl krekels sjirpen en donkerpaarse libellen van waterplant naar waterplant hoppen, lopen we verder naar een ander punt aan het water.

Daar zitten twee wandelaars op een bankje uit te rusten. De man vertelt: ‘Het water staat vaak een meter hoger!’ Ik vraag me af hoe het komt dat de bomen zijn gevallen. Ik sta op een heuvel, minstens vier meter hoger dan de weide aan de overkant. Eigenlijk is het heel logisch, realiseer ik me later, als de rivier zand meeneemt, en van onderuit de bodem uitholt, dan valt een boom met wortel en al om en het zand erbovenop. De rivier voert het zand mee, maar de boomstammen blijven staan. Zo zie je een weefwerk van bomen in de uitgeholde bocht. In een natuurlijk, niet-gekanaliseerd beeksysteem (zoals de Drentse Aa) noemt men dit meanderen. Een rivier is geen statische sloot, maar een levend organisme dat continu door het landschap ‘wandelt’.

Terwijl we naar de afbrokkelende oever kijken, valt het kwartje. Anne Heleen gebruikt als biomimicry-trainer de natuur als leermeester, en hier laat de Drentse Aa het antwoord op mijn reisvraag zien. Een pionier die vecht als Don Quichotte probeert een recht kanaal door een grillig landschap te graven. Dat kost oneindig veel kracht en leidt tot uitputting. Succesvol pionieren is als meanderen: durven meebewegen met de obstakels, vertrouwen dat het instorten van oude oevers ruimte maakt voor iets nieuws, en weten dat zelfs een rauwe, afgebrokkelde wand de perfecte kraamkamer kan zijn voor een ijsvogel.

Acht nesten vol klepperende ooievaars

We lopen door een veld vol kruidige geuren van lokale veldbloemen. En we zien een ooievaarsnest. Tenminste, dat denken we. Als we verder komen, zien we dat er maar liefst acht nesten zijn die allemaal zijn bewoond met ooievaars met hun jongen. We komen erachter dat de ooievaar een klepperend geluid laat horen als die eraan komt vliegen met zijn prooi en de jongen krijsen een ander deuntje als ze genieten van hun hapje.

Dan zijn we weer bij de auto en gaan op weg naar een restaurantje aan het Zuidlaarder Meer, waar we heerlijk genieten van een drankje en een hapje. Een mooie afsluiting van twee prachtige dagen bij Anne Heleen Bijl, waarin ik mooie inzichten heb opgedaan. Mijn reis gaat morgen weer verder naar Albert Jan Abma die een reizende tafel heeft, ik ontmoet hem in Gasselternijveen. Daarna is er nog één regio te gaan: Flevoland en rond ik mijn reis door Nederland af.

* – * – *

This is the English version of this article:

Meandering and Tuning In to the Greater Whole

When I wake up, I hear a woodpecker tapping against a tree, so I roll over for a little bit longer. The birds have been awake for ages, but we don’t have to leave until 10:00 AM, so there is plenty of time to enjoy breakfast and go over yesterday’s blog post with Anne Heleen. Then it’s time for new adventures in the Drentse Aa nature reserve.

We get into Anne Heleen’s car, and she adeptly manoeuvres along the dirt track towards Vijftig Bunder. A bunder is an old Dutch unit of area, roughly equivalent to one hectare. We walk a little way into the reserve, and Anne Heleen notices that the heather is already starting to bloom. And indeed, I see the first tiny plants beginning to flower. There is no traffic to be heard and hardly any wind, giving the cricket orchestra free rein. A few sparrows chirp in the woodland at the edge, and a silver-studded blue butterfly flits past. Further along the path, a magnificent, wide-spreading oak tree stands seemingly lonely amidst the heather. But as Heleen mentioned earlier, the oak doesn’t find it lonely at all, because we are all here ’together’. All of us who are part of nature and creation.

Walking back to the car, we bump into a walker who asks, ‘Is it easy enough to get past with the cows?’ We reply that the cows are further along and that all is fine here. We drive on along dirt tracks, and at one point, the lane becomes extremely narrow—but Anne Heleen has navigated tougher spots than this. Passing beautiful spots in the Drentse Aa landscape, we soon arrive at—yes, indeed: restaurant Drentse Aa.

Paddling and Coming Home

We have half an hour to spare before sitting down on the terrace. Anne Heleen knows a secret spot nearby, and we walk over to it. It’s a place where you can easily step into the water. Or at least, you used to be able to, as so much of the bank has been washed away now that it forms a one-metre drop. Fortunately, we find a lower spot and step into the water to paddle.

I had forgotten what it was like to stand barefoot in the water, feeling the sand beneath my toes and slowly sinking deeper into the riverbed as the water enfolds my legs. I feel held by the sand, and through this revival of childhood memories, it feels a bit like coming home.

At first it feels cold, but after a moment in the water, it feels pleasantly warm. Tuning into the harmony between my legs and the water, I feel truly connected to it. Although the water is barely flowing, I learn another lesson here: harmony does not arise by bending your surroundings to your will, but by tuning your own frequency and temperature to the greater whole. I regret that I cannot go for a proper swim, though given how low the water level is, that wouldn’t have been possible anyway.

Tuning In to the Greater Whole: When Does Synchronicity Work?

Then it’s time to get out of the water and head to the restaurant, as Nicole van der Ouw is arriving. Sitting at our lunch table on the lovely terrace overlooking the Drentse Aa, we watch a few children playing near the water. Two boys are fishing from a bridge further downstream. To our surprise, the restaurant serves a soft drink infused with meadowsweet—the very plant we’ve been spotting all along the water’s edge. Naturally, we order it.

Our conversation immediately turns to our experiences yesterday with meaningful coincidence. Right then and there, I wonder out loud whether synchronicity only happens when you act on an intuition, rather than when you cling to your own set idea without tuning in to what is alive around you. Nicole puts it beautifully: Did you have the idea, or did the idea have you? Nicole recognises this from the systemic constellations she facilitates alongside Annelieke Verkerk—which they also use to gain insight into the experiences of the stakeholders of the Drentse Aa.

Beaver Gnaw Marks in Rolde

After lunch, Anne Heleen and Nicole take me to the Drentse Aa Visitor Centre in Rolde. Inside, there is a small museum featuring a relief map of the area showcasing the prehistoric megalithic tombs (hunebedden). Whether ley lines exist or not, it is immediately striking how they lie in a straight line behind one another. There is also a display case with taxidermy animals common to the region: the otter, the beaver, and the badger. The manager of the visitor centre, whom Nicole and Anne Heleen know, tells us that a beaver gnawed through a thick tree measuring fifty centimetres across. It took the animal a whole year!

This prompts us to head out into the surrounding countryside to look at the tree. Unfortunately, we can’t get all the way up to it—wading through stinging nettles in bare legs was a bit too much to ask—so we observe from a distance. It is mind-boggling to imagine a beaver biting through such a massive trunk. But it couldn’t drag this tree away. As it turns out, they don’t always fell wood for their dams; sometimes it’s simply to sharpen their teeth.

Then it is time to say goodbye to Nicole. Next, Anne Heleen takes me to an extraordinary nature reserve near Oudemolen. On the way, we make a quick stop at the Loon dolmen (D15), a particularly impressive specimen. While the surrounding kerbstones have disappeared from most hunebedden, a nearly complete ring of kerbstones still surrounds this tomb, including a clearly identifiable portal entrance.

We walk slowly around it. Anne Heleen shares an old legend about ley lines and strategic routes. Armies used to march along these specific energy paths across the landscape so that soldiers could recharge their energy as they walked. Such important military and thoroughfare routes across the high sandy ridges were historically called heerwegen (highway/army road), derived from the old word heir, meaning army. When we return to the car, we see that the street where we parked is actually called the Heirweg! A case of meaningful coincidence?

The Meandering Answer to Pioneering

The nature reserve in Oudemolen is normally very wet and marshy—so marshy that boardwalks on stilts have been installed. But today it is very dry. We walk a circuit past heathlands, through a section of forest, and come upon a path along the Drentse Aa, which is known here as the Oudemolensche Diep. We walk through the tall grass towards the water, passing a gigantic spider sitting calmly in its web. Storks repeatedly fly overhead, leaving us wondering where their nests might be. While crickets chirp and dark purple dragonflies hop from one water plant to another, we walk on to another point along the river.

There, two walkers are resting on a bench. The man tells us: ‘The water is often a metre higher than this!’ I wonder why so many trees have fallen. I am standing on a hill, at least four metres higher than the meadow on the opposite bank. Later, I realise it actually makes perfect sense: when the river carries away sand and undercuts the bank from below, a tree topples over, roots, sand, and all. The river carries the sand away, but the tree trunks remain. What you see is a woven tapestry of fallen trees in the hollowed-out bend. In a natural, uncanalised stream system (like the Drentse Aa), this process is called meandering. A river is not a static ditch, but a living organism that continuously ‘walks’ through the landscape.

As we gaze at the crumbling riverbank, the penny drops. As a biomimicry trainer, Anne Heleen uses nature as a teacher, and here the Drentse Aa reveals the answer to my core journey question. A pioneer fighting like Don Quixote is trying to dig a straight canal through a rugged landscape. That takes endless effort and leads to exhaustion. Successful pioneering is like meandering: having the courage to move with the obstacles, trusting that the collapse of old banks creates space for something new, and knowing that even a raw, crumbled bank can provide the perfect nesting site for a kingfisher.

Eight Nests Full of Clattering Storks

We walk through a field filled with the aromatic scents of local wildflowers and come across a stork’s nest—or so we think. As we get closer, we realise there are no fewer than eight nests, all inhabited by storks and their chicks. We learn that the adult stork makes a distinct clattering noise with its beak as it flies in with prey, while the chicks screech a completely different tune as they enjoy their meal.

Eventually, we arrive back at the car and set off for a small restaurant on the shores of the Zuidlaardermeer, where we enjoy a lovely drink and a bite to eat. A wonderful conclusion to two fantastic days with Anne Heleen Bijl, during which I’ve gained so many beautiful insights. Tomorrow my journey continues to Albert Jan Abma, who runs a travelling table; I will be meeting him in Gasselternijveen. After that, there is only one region left to visit—Flevoland—before wrapping up my journey across the Netherlands.