English: scroll down
Gesprek op de veranda
De volgende ochtend is het tijd voor een ontmoeting met Monique van Orden, mede-oprichter van Tiny House Nederland. Terwijl het ochtendzonnetje doorkomt, zitten we op de houten zitjes voor het tiny house van Mieke, terwijl hond Pekna een schaduwplekje zoekt onder de veranda. We praten over de rauwe werkelijkheid van duurzaam pionieren: hoe geef je vernieuwende initiatieven een plek in een omgeving die dichtgetimmerd zit met rigide wet- en regelgeving?
Monique reflecteert op een adviesproject dat zij met Mieke in een multidisciplinair team uitvoerde voor een overheidsorgaan. Daar zag ze hoe pioniers en ambtenaren elkaar vaak simpelweg niet verstaan, doordat ze een ‘andere taal’ spreken. Terwijl pioniers zoeken naar maatwerk in de leefwereld over meerdere transitiethema’s, lopen ambtelijke processen vaak vast omdat afdelingen in ‘silo’s’ werken en maar over één specifiek thema gaan. Haar vergelijking met de gezondheidszorg is daarin een regelrechte eyeopener:
“Als we in een ziekenhuis zo zouden werken als bij de overheid, overleefde geen enkele patiënt het. Op de Spoedeisende Hulp kun je besluiten niet een half jaar voor je uit schuiven. Daar kijkt de cardioloog naar het hart en bloedvaten , overlegt deze met de oncoloog , en leveren specialisten tóch samen integraal maatwerk omdat het om leven of dood gaat.”
Waarom maatwerk in de leefwereld begint bij functiestapeling
Juist die ‘spoedeisende’ daadkracht en integraliteit ontbreken nog te vaak bij ruimtelijke vraagstukken. En dat is precies waar functiestapeling de sleutel vormt. Functiestapeling gaat niet over een beetje groen toevoegen aan een nieuwbouwwijk, maar over het radicaal benutten van élke vierkante meter en élk product voor meerdere doelen tegelijk. Op dit voormalige agrarische erf van LiberTerra komen vrijwel alle transitiethema’s op één plek samen: verdichte bodem wordt hersteld, verplaatsbare tiny houses lossen de woningnood op, biobased bouwmaterialen en voedselbossen versterken de biodiversiteit én in de community kijken de bewoners naar elkaar om. Door wonen, werken, leren, waterberging en natuur zo slim op elkaar te stapelen, ontstaat er echt maatwerk in de leefwereld dat maatschappelijke winst oplevert op álle fronten. Na deze inspirerende ontmoeting met Monique is het tijd om afscheid te nemen. Niet voordat ik Mieke op het hart heb gedrukt dat ik dolgraag in een LiberTerra-community in het midden van het land zou willen wonen, mocht dat er ooit komen! Dan stap ik in de auto, laat Koedijk achter me en zet koers richting het noorden.
Over de dijk: Van de Zuiderzee naar het IJsselmeer
Ik rijd tussen de kolen- en aardappelvelden door richting de Afsluitdijk. De Afsluitdijk blijft een van de meest iconische waterbouwkundige werken van Nederland. Ontworpen door Cornelis Lely na de verwoestende Zuiderzeevloed van 1916, begon de aanleg van dit 32 kilometer lange monument in 1927. Op 28 mei 1932 werd met het sluiten van De Vlieter de wilde Zuiderzee getemd en veranderd in het zoetwatermeer dat we nu kennen als het IJsselmeer.
Ik rijd niet vaak over de Afsluitdijk, maar wat is het een bijzondere ervaring. Het ene moment rijd je nog tussen de Noord-Hollandse bomen, en het volgende moment zit je op een smalle strook asfalt met aan je linkerhand de Waddenzee en aan je rechterhand het IJsselmeer. Meeuwen zeilen boven de auto, windmolens staan in het kolkende water. Halverwege stop ik even om over het eindeloze water uit te kijken en de frisse zeelucht in te ademen.
Boven: De snelweg met links de dijk en de Waddenzee en rechts het IJsselmeer
Onder: Uitzicht vanaf de parkeerplaats halverwege de Afsluitdijk op het windmolenpark in het IJsselmeer.
Het land van terpen en Friese vrijheid
Zodra ik de dijk afrijd, bereik ik het vaste land van Fryslân. Het historische leefgebied van de Friezen (Frisia) strekte zich in de vroege middeleeuwen uit van het huidige Noord-Holland tot ver voorbij de Duitse waddenkust. De ‘Geestmannen’ uit het Geestmerambacht waar ik gisteren over schreef, waren oorspronkelijk ook West-Friezen! De Friezen stonden bekend om hun handelsgeest en hun legendarische drang naar onafhankelijkheid: de Friese Vrijheid.
Toch is hun geschiedenis onlosmakelijk verbonden met de elementen. Vóór de uitvinding van dijken bouwden de bewoners rond 600 v.Chr. kunstmatige woonheuvels op de kwelders: de iconische terpen. Pas later transformeerden ze de drassige klei- en veengronden via monnikenwerk en ontwateringssloten tot bruikbare grond voor veeteelt en de beroemde zwartbonte koeien.
De Friese Meren (De Fryske Marren) zijn verrassend genoeg voor het grootste deel ontstaan door menselijk handelen. Vanaf het jaar 1000 groeven Friezen massaal veen af voor turf. Door de ontwatering klonk de grond in, waarna hevige stormvloeden de laaggelegen veenkolken binnendrongen en hele stukken land wegsloegen. Omdat de zandbodem eronder niet geschikt was voor akkerbouw, werden de meren niet drooggemalen zoals in Holland. Zo ontstond het unieke waterlandschap dat we nu kennen.
De Afsluitdijk van de parkeerplaats af gezien: je ziet de snelweg met erachter de dijk naar de Waddenzee.
Aankomen in de weidelodge
Aan het eind van de middag bereik ik Goutum, net onder de rook van Leeuwarden. Ik betrek hier twee dagen een heerlijke weidelodge in het groen, met in de verte zicht op de opvallende toren van het CJIB (dat me af en toe een brief stuurt als ze een ongevraagde ‘portretfoto’ van me hebben gemaakt als ik iets te hard rijd).
In de pas aangeplante tuin rond de lodge valt mijn oog direct op een bijzondere plant: de grote kaardenbol (Dipsacus fullonum). Met zijn karakteristieke, stekelige bollen en paarse bloemringen steekt hij fier boven het gras uit. Ik zag hem ook in de tuinen van Henk en Wil in Zoeterwoude, Anna’s Ruigte in Amsterdam en in de eco-community LiberTerra. In ecotuinen en perma-cultuurprojecten is de kaardenbol een echte sleutelplant, omdat ze niet alleen een magneet is voor bestuivers, maar ook een vogelrestaurant in de winter. Bovendien blijft er in de tegenoverstaande bladeren water staan, waardoor er altijd wat te drinken is voor vogels en insecten. De wortels van de plant worden gebruikt voor het maken van een tinctuur om het immuunsysteem en het weefsel te ondersteunen. Ook wordt het gebruikt ter bevordering van de maag- en spijsverteringsfunctie.
Het is een prachtig voorbeeld van hoe ruimtelijke transitie niet alleen over mensen en huizen gaat, maar ook over het ruimte geven aan de inheemse natuur. De komende dagen heb ik even rust. Tijd om alle indrukken van de afgelopen week te laten bezinken, voordat de ontdekkingsreis aanstaande donderdag weer verdergaat!
,* – * – *
This is the English version of this article:
Function Stacking, Tailored Solutions, and Crossing the Afsluitdijk
Conversation on the veranda
The following morning brings a meeting with Monique van Orden, co-founder of Tiny House Nederland. As the morning sun breaks through, we sit on the wooden chairs in front of Mieke’s tiny house, while Pekna the dog searches for a shady spot under the veranda. We discuss the raw reality of sustainable pioneering: how do you create space for innovative initiatives in an environment locked down by rigid rules and regulations?
Monique reflects on an advisory project she conducted with a multidisciplinary team for a government body. There, she observed how pioneers and civil servants often simply fail to understand each other because they speak ‘different languages’. While pioneers seek tailored solutions tailored to everyday human reality across multiple transition themes, administrative processes frequently stall because departments operate in ‘silos’, dealing only with one specific topic. Her comparison with healthcare is a absolute eye-opener:
“If we operated in a hospital the way we do in government, not a single patient would survive. On an Emergency Ward, you can’t postpone decisions by six months. The oncologist looks at the heart, the surgeon consults with the cardiologist, and specialists still deliver integrated, tailored care together because it’s a matter of life or death.”
Why tailored solutions start with function stacking
It is precisely that ‘emergency’ decisiveness and holistic integration that are too often missing in spatial planning challenges. And that is exactly where function stacking holds the key. Function stacking isn’t about adding a bit of greenery to a new housing development; it’s about radically utilizing every single square metre and every product for multiple purposes simultaneously.
On this former agricultural plot at LiberTerra, almost all transition themes come together in one place: degraded soil is restored, relocatable tiny houses tackle the housing shortage, bio-based building materials and food forests boost biodiversity, and young people learn a trade. By stacking living, working, learning, water storage, and nature so intelligently, genuine, tailored solutions emerge in everyday life that yield societal benefits on all fronts.
After this inspiring encounter with Monique, it’s time to say goodbye. Not before I assure Mieke that I would love to live in a LiberTerra community in the middle of the country, should one ever be established there! I then get into the car, leave Koedijk behind, and head north.
Across the causeway: From the Zuiderzee to the IJsselmeer
I drive between cabbage and potato fields towards the Afsluitdijk. The Afsluitdijk remains one of the most iconic civil engineering works in the Netherlands. Designed by Cornelis Lely following the devastating Zuiderzee flood of 1916, construction on this 32-kilometre-long landmark began in 1927. On 28 May 1932, with the closing of De Vlieter, the wild Zuiderzee was tamed and transformed into the freshwater lake we now know as the IJsselmeer.
I don’t drive across the Afsluitdijk often, but what an extraordinary experience it is. One moment you are driving through the trees of North Holland, and the next you are on a narrow strip of tarmac with the Wadden Sea to your left and the IJsselmeer to your right. Seagulls glide above the car, and wind turbines stand in the churning water. Halfway across, I stop briefly to look out over the endless water and breathe in the fresh sea air.
The land of mounds and Frisian freedom
As soon as I drive off the causeway, I reach the mainland of Fryslân. In the Early Middle Ages, the historical habitat of the Frisians (Frisia) extended from present-day North Holland to far beyond the German Wadden coast. The ‘Geestmen’ from Geestmerambacht I wrote about yesterday were originally West Frisians too! The Frisians were renowned for their trading spirit and their legendary drive for independence: the Frisian Freedom.
Yet their history is inextricably linked with the elements. Before the invention of dykes, inhabitants built artificial dwelling mounds on the salt marshes around 600 BC: the iconic terpen. Only later did they transform the marshy clay and peat soils into usable land for cattle farming and the famous black-and-white cows through painstaking monastic labour and drainage ditches.
Surprisingly, the Frisian Lakes (De Fryske Marren) were largely created by human activity. From the year 1000 onwards, Frisians dug up vast amounts of peat for fuel (turf). The drainage caused the land to subside significantly, after which severe storm surges breached the low-lying peat pits and swept away entire swathes of land. Because the underlying sandy soil was unsuitable for arable farming, the lakes were not drained like those in Holland. Thus, the unique water landscape we know today was born.
Arriving at the meadow lodge
At the end of the afternoon, I arrive in Goutum, just on the outskirts of Leeuwarden. Here, I settle into a delightful meadow lodge surrounded by greenery for two days, with a view in the distance of the prominent CJIB tower (which occasionally sends me a letter when they’ve taken an unsolicited ‘portrait photo’ of me if I happen to drive a little too fast).
In the newly planted garden around the lodge, a particular plant immediately catches my eye: the wild teasel (Dipsacus fullonum). With its distinctive, spiky heads and rings of purple flowers, it stands proudly above the grass. I also spotted it in Henk and Wil’s gardens in Zoeterwoude, at Anna’s Ruigte in Amsterdam, and at the LiberTerra eco-community. In eco-gardens and permaculture projects, the teasel is a true keystone plant—not only is it a magnet for pollinators, but it also serves as a bird dining station in winter. Furthermore, rainwater collects in its opposite leaves, ensuring there is always something for birds and insects to drink. The plant’s roots are used to make a tincture to support the immune system and tissues, as well as to promote stomach and digestive health.
It is a wonderful example of how spatial transition isn’t just about people and houses, but also about making room for native nature. Over the next few days, I have time to rest. Time to let all the impressions of the past week sink in before the journey of discovery continues this Thursday again!
Het ondergrondse mycelium voor de toekomst
English: scroll down Foto: Carla Pleijers van VakantieAnders en Mirjam Castein, mijn zus waarmee ik op vakantie was. Over droogte, een cacaoceremonie en haalbare dromen Als ik ’s ochtends wakker word en nog even heerlijk in mijn tent kan blijven liggen, open ik de...
De maakbare polder en de ziel van de diamant: Ontmoeting met Daan Schieman in Oosterwold
English: scroll down Na de meanderende beekdalen van de Drentse Aa, arriveer ik in het jongste land van Nederland: Flevoland. Vijf meter onder de zeespiegel, op de zware, ongekend vruchtbare kleibodem van wat ooit de Zuiderzee was, ligt een polder die in krap zeven...
Meanderen en afstemmen op het grotere geheel
English: scroll down Als ik wakker word, hoor ik een specht tikken tegen de boom en ik draai me nog even om. De vogels zijn allang wakker maar wij hoeven pas om 10 uur te vertrekken dus er is nog ruim de tijd om te ontbijten en mijn blog van gisteren door te nemen met...




