Selecteer een pagina

English: scroll down

Een ekster kwetterde me wakker, terwijl de schapen al stonden te grazen in het weilandje naast mijn tent. Ik zou met Wil en Henk ontbijten, maar had eerst nog tijd om het bezoek van Anne-Marie Benschop, Connie van der Post en Annelieke Verkerk voor te bereiden.

Een ontbijt vol levensverhalen

Kort daarna stond er in de tuin een rijkgedekte tafel voor me klaar: heerlijke kazen, watermeloen, rauwkost, gekookte eitjes, zelfgemaakte jam en versgebakken broodjes. Uiteraard weer met thee erbij, dit keer met versgeplukte salie. Ik vertelde dat ik in onze contreien (Amersfoort/Soest/Veluwe) gewend ben aan strakke grasvelden waar al het onkruid weg moet en de kale aarde zichtbaar moet zijn. Hoe werkt dat hier? Het is heerlijk groen en alle insecten en vogels gedijen goed, maar worden de vaste planten niet verdrongen?

Henk vertelde dat hij regelmatig wel wat weghaalt, maar dat de tuin zichzelf voor het grootste deel onderhoudt. De akelei zaait zichzelf uit, net als de papaver. Een jaar later verschijnt er als verrassing ineens op een andere plek een mooie papaver of een berenklauw. “Het perceel is simpelweg te groot om strak te onderhouden,” lachte hij.

Wil vulde aan met een prachtig verhaal over de historie van deze plek. “We hebben veel rondgereisd over de hele wereld, maar op een gegeven moment zei mijn moeder, de boerin van deze grond, dat het knechtenhuisje vrijkwam.” Die moeder was een echte, sterke boerenvrouw die rondliep met een schort waar standaard een schroevendraaier en een steeksleutel in zaten. Ze kon alles. Wil en Henk trokken in het knechtenhuisje. Even twijfelde Wil of ze haar reisvrijheid niet zou gaan missen, maar toen ze de zon op zag komen en de wind door de bomen hoorde ruisen, was ze verkocht: dit was haar gebied. Hier wilde ze nooit meer weg.

Ruimte voor permacultuur

Samen kregen ze de droom om een grote tuin aan te leggen volgens permacultuurprincipes. Grote bomen langs de rand—kastanje, walnoot, vlierbloesem en wilgen—met daartussen fruitbomen en een onderlaag van kruiden en vaste planten. De traditionele boerin zag dat aanvankelijk helemaal niet zitten: “Wat moet je daarmee, koeien brengen veel meer op.” Maar na enige tijd kwam ze toch polsen: “Laat eens zien wat jullie van plan zijn.” Ze liepen samen het weiland in. Omdat Henk en Wil dachten dat ze moesten handjeklappen, zetten ze groot in. Ze liepen helemaal naar het achterste deel en zeiden: “Dit hele stuk zouden we willen beplanten.” Tot hun grote verbazing antwoordde ze kort maar krachtig: “Dat is goed. Maak er wat moois van,” en liep weg.

Nu, een paar decennia later, staan er bomen van meters hoog en gaat de natuur haar gang. Ik zie hier de grootste libellen die ik ooit heb gezien en voor mijn tentje hippen steeds weer andere vogelsoorten voorbij. De boerin heeft de tuin nog in haar volle glorie mogen meemaken, voor ze stierf. Ze was zelf ook blij met hoe groen het geworden is. Tussendoor kwam buurman Kees nog even aanwaaien. Hij had een prachtige, oude schilderskoffer met olieverf en een palet bij zich. Hij wilde hem eigenlijk naar de kringloopwinkel ‘het Graalhuis’ brengen, maar die was nog gesloten. Omdat ik vertelde dat ik ook schilder, was Kees snel van zijn koffer af: ik kreeg hem spontaan mee.

Wil en Henk hebben zich een aantal jaren geleden aangesloten bij het burgerinitiatief Bijpoort Zoeterwoude. Zij hebben Henk en Wil waardevolle adviezen gegeven om de biodiversiteit in hun tuin te verhogen zodat wilde bijen en andere insecten meer kans hebben om te overleven. Via dit initiatief ruilen we inheemse planten met andere bewoners en delen we onze ervaringen. Voor ons werkt dit heel stimulerend.

Oertuingeluk en wortelen in de polder

Net op dat moment kwamen mijn gasten de tuin in wandelen. Het was tijd voor het inhoudelijke gesprek over hoe Anne-Marie, Connie en Evelyn (die nu met vakantie is) samen in deze regio aan het werk zijn. Zij vormen een prachtige drie-eenheid: ze hebben een sterke binding met het dorp, zijn in de regio opgegroeid en zijn dus echt diep geworteld in de polder. Connie, die homeopaat is, deed direct madeliefjes in haar theeglas (goed tegen vrouwenklachten), terwijl wij onze glazen vulden met verse citroenmelisse.

Groene Hart Community

Anne-Marie vertelde hoe zij de afgelopen jaren samen met verschillende stakeholders vanuit de overheid de Groene Hart Community heeft opgebouwd. Dit is een netwerk waarin meerdere gemeenten en voornamelijk bestuurders zijn verenigd om van elkaar te leren. 

Hun droom is om nu in Zoeterwoude concrete lokale samenwerkingen op te bouwen en die vervolgens te verbinden aan die grotere Groene Hart Community. Het is een ijzersterke taakverdeling: Anne-Marie bedient de bestuurlijke laag, Connie trekt de lokale laag met inwoners en ondernemers.

Ondertussen heb ik ook een antwoord op de vraag die ik met me meenam: hoe kan het dat de een beweging kan creëren en een ander niet? En wat ik zie bij het drietal Connie, Anne-Marie en Evelyn is dat ze elkaar aanvullen: ze hebben alledrie een eigen netwerk onder overheid, bedrijven en inwoners. Dit maakt dat ze echt het verschil kunnen maken. Maar vooral ook dat ze elkaar steunen en samen cocreëren.

De field trip naar ’t Geertje

Vervolgens hebben we concrete plannen gesmeed voor het aankomende bezoek van Joe Brewer en Penny Heiple (oprichters van de Design School for Regenerating Earth). Op 12 oktober organiseren we een groot publieksevent (meer informatie en aanmelden via deze link), maar op 14 oktober duiken we de diepte in met een uitwisseling en field trips langs de actieve regio’s. Op 14 oktober trappen we af in de prachtige tuin van Henk en Wil, die ontzettend uitzien naar de komst van deze gelijkgestemden.

Daarna stappen we op 14 oktober op een traditionele platbodem om via de ringvaart van de Geerpolder naar boerderij ’t Geertje te varen.  Halverwege die vaartocht passeren we ‘de Noord Aa’, een prachtig meertje. Voor nu pakten we de auto en parkeerden vlakbij de steiger. Naast de parkeerplaats was een voedselbos waar inwoners van Zoeterwoude gezamenlijk voedsel verbouwen en oogsten. Connie vertelde glunderend dat ze hier vrijwel dagelijks—of het nu regent, vriest of dooit—in zwemt met een vaste groep dorpsbewoners. Ze nam ons mee op de route en liet zien waar ze haar fiets parkeert.

Terwijl we de dijk langs de ringvaart volgden naar haar vaste zwemsteiger, werd het hoogteverschil in het landschap pas echt tastbaar. De ringvaart aan onze linkerhand ligt opvallend hoog in vergelijking met het diepe polderland aan onze rechterkant.

Een rendabele boerderij

Bij boerderij ’t Geertje aangekomen was het een drukte van jewelste. Overal speelden kinderen die vochten om als eerste de dijk af te glijden, terwijl een stukje verderop de Barnevelder kippen het schouwspel pikkend en kakelend negeerden. ’t Geertje is een begrip in de wijde omtrek. Ze hebben een slimme, extra inkomstenstroom weten te genereren door de combinatie van een actieve boerderij en een grote speeltuin. Het vee mengt zich hier schijnbaar moeiteloos met de bezoekers. Er is een restaurant, een kraam waar je spekjes kunt kopen en een winkel vol ambachtelijke landproducten met een indrukwekkende wand vol boerenkazen.

En natuurlijk: een heuse klompenafdeling. Ik besloot een paar klompen te passen, maar kreeg ze daarna bijna niet meer uit—ik ben het simpelweg niet meer gewend. Als kind had ik ze wel, maar omdat ik er destijds niet goed op kon lopen, werden ze uiteindelijk omgedoopt tot plantenpotten aan de schuurmuur. Mijn broer daarentegen liep er jarenlang met veel plezier op tijdens het klussen in de tuin.

Nadat Connie ons uitgebreid had rondgeleid en ons trakteerde op een ijsje, keken we toe hoe jonge kinderen met zuigflesjes de jonge geitjes voerden. Een kip met kuikentjes scharrelde door het zand, vlak naast een hekje waarachter nieuwsgierige biggetjes met hun snuiten in het hooi porren. Annelieke en ik keken elkaar aan: dit gaat een fantastische en inspirerende field trip worden op 14 oktober!

Verstilling en vooruitblik

Terug in de rustige tuin van Henk en Wil nam ik afscheid van Annelieke en Connie. Het was een prachtige, intensieve dag vol oertuingeluk en wortelen in de polder. Omdat het begon te regenen, kroop ik lekker in mijn tent en viel al snel in een diepe slaap. Ik droomde dat ik met alle regiopioniers samen op reis was, tot ik zachtjes werd geroepen. Het duurde even voordat ik landde in de realiteit: het was Henk, die vroeg of ik gezellig kwam borrelen en eten. Met een heerlijke maaltijd sloten we de twee inspirerende dagen af die ik bij hen mocht doorbrengen.

Morgen wachten mij alweer nieuwe, bijzondere ontmoetingen. Eerst reis ik naar Miranda van Gendt (oprichter van Plekmakers_), daarna breng ik een bezoek aan mijn broer in Alkmaar, om de dag ten slotte af te sluiten bij Mieke Elzenga in eco-community Liberterra. Weer een prachtige dag om naar uit te kijken!

* – * – *

This is the English version of this article:

Ancestral garden bliss and rooting in the polder: the secret of Zoeterwoude

A magpie chattered me awake, while the sheep were already grazing in the meadow right next to my tent. I was due to have breakfast with Wil and Henk, but first, I had some time to prepare for the visit of Anne-Marie Benschop, Connie van der Post and Annelieke Verkerk.

A breakfast full of life stories

Shortly afterwards, a richly laden table was waiting for me in the garden: delicious cheeses, watermelon, raw veg, boiled eggs, homemade jam and freshly baked rolls. Naturally, tea was served alongside—this time with freshly picked sage. I mentioned that in my neck of the woods (Amersfoort/Soest/Veluwe), I am used to pristine lawns where all weeds must go and the bare soil must be visible. How does it work here? It is wonderfully green and all the insects and birds thrive, but aren’t the perennials getting crowded out?

Henk told me that he does clear things out occasionally, but for the most part, the garden looks after itself. The columbines self-seed, just like the poppies. A year later, as a delightful surprise, a beautiful poppy or a giant hogweed suddenly pops up in a completely different spot. “The plot is simply too big to keep pristine,” he laughed.

Wil added a beautiful story about the history of this place. “We travelled a lot all over the world, but at a certain point, my mother—the farmer of this land—mentioned that the labourer’s cottage (knechtenhuisje) was becoming available.” That mother was a truly strong farm woman who walked around wearing an apron that standardly held a screwdriver and a spanner. She could do anything. Wil and Henk moved into the cottage. For a moment, Wil wondered if she would miss the freedom of her travels, but the moment she saw the sun rise and heard the wind rustling through the trees, she was sold: this was her land. She never wanted to leave.

Space for permaculture

Together, they developed a dream to create a large garden based on permaculture principles. Tall trees along the perimeter—chestnut, walnut, elderberry and willow—with fruit trees nestled in between, and an underlayer of herbs and perennials. The traditional farmer didn’t see the merit in it at first: “What are you going to do with that? Cows bring in far more money.” But after a while, she came knocking anyway: “Let’s see what you’ve got planned.” They walked into the meadow together. Because Henk and Wil assumed they would have to haggle, they aimed high. They walked all the way to the back and said, “We would like to plant this entire section.” To their great surprise, she replied shortly and sweetly, “That’s fine. Make something beautiful out of it,” and walked away.

Now, a few decades later, the trees stand metres high and nature runs its course. I see the largest dragonflies I have ever encountered here, and outside my tent, different bird species constantly hop by. In between, neighbour Kees dropped by unexpectedly. He carried a beautiful, old artist’s case filled with oil paints and a palette. He had intended to take it to the charity shop, but it wasn’t open yet. Because I mentioned that I paint too, Kees was quickly relieved of his case: he spontaneously gifted it to me.

A few years ago, Wil and Henk joined the local community initiative Bijpoort Zoeterwoude. They offered Wil and Henk valuable advice on boosting biodiversity in their garden, giving wild bees and other insects a better chance of survival. Through this initiative, we exchange native plants with other residents and share our experiences. For us, this has proven to be incredibly encouraging.

Ancestral garden bliss and rooting in the polder

Just at that moment, my guests came walking into the garden. It was time for our in-depth conversation about how Anne-Marie, Connie and Evelyn (who is currently away on holiday) are working together in this region. They form a wonderful trinity: they have a deep connection to the village, grew up in the region and are truly rooted in the clay. Connie, who is a homeopath, immediately dropped daisies into her tea glass (excellent for women’s ailments), while the rest of us filled our glasses with fresh lemon balm.

Anne-Marie explained how, over the past few years, she has built up the Groene Hart Community alongside various stakeholders from local government. This is a network that unites multiple municipalities and primarily administrators to learn from one another. Their current dream is to build up local collaborations here in Zoeterwoude and connect them to that broader Groene Hart Community. It is an ironclad division of labour: Anne-Marie manages the administrative layer, while Connie and Evelyn drive the local layer with residents and entrepreneurs. This organic blend of rural peace, community spirit and strategic drive is a perfect example of ancestral garden bliss and rooting in the polder.

Meanwhile, I have also found an answer to the question I carried with me: how is it that one person can create momentum while another cannot? What I see in the trio of Connie, Anne-Marie and Evelyn is that they truly complement one another; each of them brings their own distinct network spanning local government, businesses and residents. This allows them to make a genuine difference. But above all, it is the fact that they support each other and co-create together.

The field trip to ’t Geertje

Next, we forged concrete plans for the upcoming visit of Joe Brewer and Penny Heiple (founders of the Design School for Regenerating Earth). On 12 October, we are organising a major public event, but on 14 October, we are diving deep with an exchange and field trips across the active regions.

On 14 October, we will kick off in Henk and Wil’s beautiful garden, and they are absolutely delighted to welcome these like-minded souls. Afterwards, we will board a traditional flat-bottomed boat to travel via the ring canal of the Geerpolder to the nearby farm, ’t Geertje. Halfway through the boat trip, we will pass ‘de Geer’, a stunning little lake. Connie beamed as she told us that she swims here virtually every day with a fixed group of villagers—whether it is raining, freezing or thawing.

She took us along the route to show us where she parks her bike. As we walked along the dyke next to the ring canal towards her usual swimming jetty, the height difference in the landscape became strikingly tangible. The high ring canal on our left sits noticeably higher than the deep polder land on our right.

Arriving at ’t Geertje farm, the place was buzzing with activity. Children were playing everywhere, jostling to be the first down the slide on the dyke, while a little further along, the Barnevelder chickens ignored the spectacle, pecking and clucking in their coop. ’t Geertje is a household name for miles around. They have managed to generate an extra income stream by combining a working farm with a large playground. The livestock mingles seemingly effortlessly with the visitors. There is a restaurant, a stall selling sweets and a farm shop filled with artisanal regional products, featuring an impressive wall of farmhouse cheeses. And, of course, a proper wooden clog department. I decided to try on a pair of clogs but could barely get them off afterwards—I am simply no longer used to them. I had them as a child, but because I couldn’t walk well in them, they were eventually repurposed as plant pots on the shed wall. My brother, on the other hand, loved them and wore them for years while doing chores in the garden.

After Connie gave us a wonderful tour and treated us to an ice cream, we watched young children feeding baby goats with bottles. A hen with her chicks scratched in the dirt, right next to a fence behind which inquisitive piglets nuzzled through the hay. Annelieke and I looked at each other: this is going to be a fantastic and inspiring field trip on 14 October!

Stillness and a look ahead

Back in the peaceful garden of Henk and Wil, I said goodbye to Annelieke and Connie. It was a wonderful, intensive day. As it began to rain, I crawled into my tent and soon fell into a deep sleep. I dreamt that I was travelling with all the regional pioneers, until I was gently called. It took a moment for me to land back in reality: it was Henk, asking if I wanted to come over for drinks and dinner. Over a lovely meal, we wrapped up the two inspiring days I was privileged to spend with them.

Tomorrow, more special encounters await me. First, I travel to Miranda van Gendt (founder of Plekmakers_), then I will visit my brother in Alkmaar, before finally finishing the day with Mieke Elzenga at the Liberterra eco-community. Another beautiful day to look forward to!